Blog week 2: PART1 (17/02/20 - 18/02/20)
- pvanloo
- 18 feb 2020
- 5 minuten om te lezen
Lierfase 2 opstellen
Maandagochtend kom ik toe op kantoor en zijn de uitvoerders bezig met een gedetailleerde planning te maken om een goed weekoverzicht te krijgen. Ik luister mee en werk ondertussen aan het afvalstoffenregister. Dat is een intern rapport dat we moeten maken om in orde te zijn met de ISO 14001. Jaarlijks moet elk van onze werven, zowel in het binnen- als buitenland deze cijfers doorgeven aan OVAM (Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij). Dit zijn excel bestanden dat we opvragen bij onze afvalophalers die we dan samenvoegen. Het afval staat verdeelt per Euralcode (glas, bitumineuze mengsels, hout kwaliteit B,…).
Wanneer dat gedaan is vertrekken de uitvoerders en ik naar de Fortunapolder. Dat is de plek waar de buizen naartoe getrokken moeten worden en waar ze verbonden zullen worden met het pompstation.
We beginnen er lierfase 2 op te stellen.
Even ter info:
We hebben 3 lierfases :
Fase 1 → Wandeldijk (0-600m)
Met twee 65tons lieren en een verdeelplaat trekken we de 3 leidingen in het tracé. De lieren zijn geplaatst op een ponton die door een duwsleepbootje tot tegen de wandeldijk wordt geduwd. De lieren staan op een frame, bevestigd aan het ponton en verankerd met delta flipper ankers tot op de sleufbodem van de Spijkerboor.

Ik ben toegekomen tijdens deze overgangsfase wanneer ze de lieren aan het losbranden waren van het ponton (zie foto) om over te gaan naar fase 2.
Fase 2 → Fortunapolder (600-1300m)
De lieren zijn ontkoppeld van het ponton en op een zwaarder frame aangesloten. We maken nu gebruik van niet twee, maar drie 65tons lieren. Deze worden opgesteld in het verlengde van het tracé in de bocht op de Fortunapolder.

Onze leidingen komen tot paars (zie onderstaande foto), en de lieren verplaatsen we nu van de blauwe naar de gele peil. Zoals je kan zien moest links van de blauwe pijl een sleuf gebaggerd worden om onze leidingen in te trekken. Juist op de blauwe pijl was er een wandeldijk achtergelaten.
Van Oord heeft dit weekend deze wandeldijk weg kunnen baggeren en wij kunnen nu de lieren verplaatsen.
Die wandeldijk diende zo lang mogelijk in stand gehouden te worden om stroming en getijdewerking tegen te gaan en zo ook sedimentatie. Plus een randvoorwaarde is dat deze oversteek intact blijft voor wandelaars en de dieren. Het domein heeft een groot aantal herten en wilde dieren, dus na het connecteren van de buizen aan de nieuwe lieren dient er terug een tijdelijke overbrugging voorzien te worden waar we de buizen onderdoor trekken.

De lieren verplaatsen we door gebruik te maken van een ponton, het ponton kan via de verwijderde wandeldijk naar buiten worden geduwd tot in de bouwkuip van de Fortunapolder.

Een 400tons kabelkraan van Mammoet zal ons hier helpen bij het installeren van de lieren op een vast frame aan land.
De geleidende doorvoeren voor de lieren staan bijna vastgelast. Dat zijn doorvoeren waar de kabel doorheen getrokken wordt om niet te schuren langs de damplanken. Nu kijken we of alles klaar staat. Omdat Van der Ven (aannemer pompstation) voorrang heeft op ons op de fortunapolder, moeten we wachten met het opstellen van onze 400tons kraan tot zij klaar zijn met werken om 16u. De lassers voeren de laatste afwerkingen uit aan de geleidesystemen. Hiervoor maken ze gebruik van parasols tegen rondspringende spetters en tegen de wind.

Om de lieren extra te verankeren maken we gebruik van 3 kleinere damwanden. De damwanden zijn getrild door Van Oord, ze zijn 12m lang, 10m diep. Hier branden we een gat in, en we lassen er 2 profieltjes achter waar we later een buis op kunnen leggen.


We verankeren het frame van de lieren met een staalstrop door het gat in de damwand, rond de buis. Zo zet de buis de trekkrachten van het frame over op de damwand. Ik vind het speciaal dat we zo een dunwandige buis gebruiken voor het opnemen van de trekkrachten. Ik vraag Kenneth en Robin (hoofduitvoerder) of de buis niet zal knikken onder de krachten die onze lieren op het einde gaan moeten trekken, maar dat is geen probleem. Een volle balk is te zwaar/ te duur en de buis is zo berekend dat hij aan de knik kan weerstaan.

Wanneer dit allemaal klaar is kon onze rupskraan samen met een supervisor van Mammoet ervoor zorgen dat we een oppervlakte hadden, groot genoeg om de 400t kraan op op te stellen. Zo dicht mogelijk tegen de sleuf en de toekomstige plekken van de lieren, voor een zo kort mogelijke lastarm. Deze hebben we minimaal verdicht door de kraan erover te laten rijden. Dan plaatsten we 6 schotten van 2,5ton en was het wachten op de kraan van Mammoet. Dat duurde een kleine 2 uur van 16u15 tot 18u om op te stellen.


Mijn taak op de werf
Vandaag worden de buizen verder ballast omdat we morgen hopen om terug verder te kunnen trekken. Koen is de werfleider die hiervoor verantwoordelijk is. Hij markeert op de buizen waar een ketting moet komen, hij houdt bij welke zak in welke volgorde op welke buis komt te liggen en zorgt dat het ballasteren vlot kan verlopen.
Omdat Koen nog 1 week blijft alvorens te vertrekken naar een volgende project voor Denys neemt hij de tijd om mij alle aspecten van het ballasteren uit te leggen aangezien dat mijn taak zal worden.
We bekijken het ballastplan en dan trekken we erop uit. Op de buizen op de hellingsbaan duiden we telkens aan waar een ketting moet komen, dat is voor de kraanman van het baggerschip zodat hij kan zien wanneer er een ketting moet aangepikt worden in plaats van een saddlebag.



Als alle kettingen zijn aangeduid nemen we een bootje naar de plek waar het ballasteren zal plaatsvinden. Koen legt mij uit wat het proces inhoudt voor het klaarmaken van zo’n saddlebag, de verschillende stappen; van droog zand te verdichten, te wegen, onder te dompelen in water, nat te wegen, tot uiteindelijk de stockage van de zakken en het klaarzetten op de dijk volgens verschillende secties.

En dan is het aan mij. Na een beetje onder de knie te krijgen hoe je met een motorboot vaart zet ik Koen af op de hellingsbaan en is het ballasteren voor mij. We moeten 90 zakken ballasteren. Het bijhouden van de volgorde is cruciaal aangezien we op het einde willen weten welke zakken waar op de leidingen hangen naar controle toe en voor latere projecten/ het 'lessons learned document'.
Er zijn nu veel dingen tegelijk aan de gang, mijn job is ervoor zorgen dat het baggerschip (de viking) niet stil komt te staan en kan blijven zakken opladen. De onderaannemer voert de zakken aan waar en wanneer ik wil. Tegelijk moet ik steeds de volgorde van de zakken eerst noteren, alvorens de arbeiders ze aanpikken. Dan niet te onderschatten, zien dat het ploegje de juiste zakken aanpikt, dat is vaak ook niet vanzelfsprekend omdat er een doordacht systeem in zit, maar alles vooruit moet gaan. Daar kwam nog eens bij dat om de zoveel tijd er kettingen klaar moesten liggen met daarop het midden gemarkeerd zodat de kraan ze tussenin direct kan aanpikken. Hier was ik steeds maar net op tijd mee klaar.





Koen had het ook steeds over 'de juiste groep aanpikken', we hebben steeds 3 groepen van 12 zakken op de dijk. Door te communiceren met Wim, de kraanman, begrijp ik snel dat de juiste groep aanpikken betekent: De groep aanpikken waardoor de kraan op het baggerschip zo min mogelijk moet rijden, daarom werken we volgens groep 1,2,1,2,3,2,3. Zo moet de kraan op de boot maar 1 keer van plaats veranderen.
Dan om het ingewikkelder te maken moesten er nieuwe geleverde kettingen in stukken gebrand worden. We hadden 2 soorten toegeleverd gekregen, een soort dikkere (met 2 ogen per kettingstukje) die 27 meter lang zijn en een dunnere soort van 24m, 62mm. Deze moesten beide versleept worden met een kraan om doorgebrand te worden. De dikkere in 2 stukken van 13,5m, de dunnere van 24m nadien in 4 stukken van 6m voor één van de volgende ballasteringen.






Opmerkingen